 |
Eindelijk!
Met voorbereidingen op woensdag, waarbij ik koperen buizen buig met gebruikmaking van het aanwezige hek en ze vervolgens, heel wat gemakkelijker dan het ijzeren lint, overvaar; met soldeer-akties in de regen op vrijdagmorgen en tenslotte hulp van Leontien bij het rechtop zetten, staat nu de basis.
Ik zaag een deel van het wilgenhout dat ik had meegebracht af zodat het kan dienen als wig om de buizen op afstand van de liggende boom te houden. Dat brengt spanning in de boog, spierpijn in de spieren en ontspanning in mijn gevoel: vanaf nu kan ik verder gaan bouwen.
Het voelt dan ook bijna als 'vieren' als we aan het einde van de dag het routebord plaatsen. Naast een 'deze zijde' is er nu ook een 'gene zijde'!
|
Een dag in de bagger. Doorweekt van de regen herstel ik koeienschade en verbeter opnieuw de constructie. Niet elke versteviging is voor het beeld een verbetering, maar het wordt zaak dat ik niet elke week eerst de ochtend kwijt ben aan een herhaling van zetten.
In de loop van de middag waaien we droog, ons humeur fleurt mee op.
Ik besluit één van de stangen naar de andere kant van het hek door te trekken. Nu heeft die verlengde lijn een lengte van zo'n acht meter.
Dit landschappelijk werken vraagt om veel materiaal, en dat is van deze zijde af lastig, want alles wat ik dicht maak belemmert het zicht op gene zijde. De uiterste hoek van linker zijde zet ik vast met een afgebroken hek en een paal in de grond. Elke stap is er één diep in de modder. Kijken of dit koe bestendig blijkt. Oscar komt fotograferen.
De lange paal van de overstap splijt! Zo kan hij de constructie niet meer dragen. Een snelle oplossing gezocht: met klemmen en een touw zet ik één en ander vast. Dat het beeld zich aan beide kanten van het hek gaat af spelen, is bedoeld, maar het trekt het geheel tijdelijk uit verband. Straks kan ik gaan reageren op wat zich aan gene zijde afspeelt. Het doorkijken van af de wandelkant naar de boog aan de overkant is goed.
|
 |